© 2017 by Rob van Zon.

Loodvergiftiging en zinkvergiftiging bij vogels

Loodvergiftiging en zinkvergiftiging zijn intoxicaties die helaas regelmatig optreden. Lood is een zacht metaal en veel papegaaien en parkieten vinden het aantrekkelijk om in te bijten en op te eten. Lood is in huis soms aanwezig in glas-in-loodramen, loodveters onderin gordijnen, oude verf, etc. Roofvogels kunnen lood binnenkrijgen door het opeten van aangeschoten prooidieren. Watervogels krijgen het soms binnen door het opeten van vis-loodjes. Zink is meestal afkomstig van het buitenste laagje van gegalvaniseerd metaal, bijvoorbeeld van kippengaas.

In het maag-darmkanaal lost het metaal gedeeltelijk op en komt het in het bloed terecht. Lood is extreem giftig en veroorzaakt schade aan o.a. de lever, het zenuwstelsel, de rode bloedcellen en de darmen. Verschijnselen van een loodvergiftiging zijn bijvoorbeeld braken, sloomheid, verlammingen, epileptische aanvallen, blindheid, meer drinken, bloederige ontlasting, nattere ontlasting en een verkleuring van het witte deel van de ontlasting (urinezuur). Niet elke vogel vertoont alle verschijnselen. Bij bijvoorbeeld de agapornis treden meestal als eerste verschijnsel verlamde voetjes op, terwijl bij de valkparkiet sloomheid en misselijkheid vaak de eerste verschijnselen zijn.

 

De therapie bij deze vergiftigingen met zware metalen bestaat ten eerste uit het ondersteunen en stabiliseren van de patiënt en het onderdrukken van symptomen (bijvoorbeeld infuus, medicatie tegen misselijkheid, medicatie tegen epileptische aanvallen). Ten tweede bestaat de therapie uit het indien mogelijk verwijderen van het lood uit de krop (door middel van endoscopie, kropspoeling of chirurgie door de vogelarts / vogelspecialist) en maag & darmen (laxeermiddelen, soms endoscopisch of chirurgisch verwijderen van grote loodpartikels). Daarnaast wordt medicatie gegeven om het lood uit het bloed weg te vangen. De medicatie die we gebruiken om het lood uit het bloed te verwijderen moet langdurig worden gegeven, omdat het lood in eerste instantie in de botten wordt opgeslagen en vervolgens weer langzaam vrijkomt en opnieuw in het bloed terecht komt.

De prognose van loodvergiftigingen hangt erg af van de hoeveelheid lood die een vogel binnen heeft gekregen en ook hoe snel de therapie gestart wordt.

Voor het stellen van de diagnose maken we meestal gebruik van röntgenfoto's (nog aanwezige looddeeltjes zijn zeer goed zichtbaar, zie de helder witte vlekjes op de foto). Helaas biedt een röntgenfoto niet altijd duidelijkheid, omdat het voor kan komen dat het lood inmiddels al verteerd is; De loodpartikels zijn dan niet meer zichtbaar op de foto, terwijl er wel sprake is van een lood-intoxicatie. Soms is dan bloedonderzoek naar de hoeveelheid lood in het bloed nodig. Voor het vaststellen van een zinkvergiftiging is vrijwel altijd bloedonderzoek nodig.

Röntgenfoto met lood (helder wit) in de krop en maag

Roze urine (links van de letter W)

Looddeeltjes, d.m.v. kropspoeling uit krop verwijderd

Loodveter onderin gordijn